Donna als The Extreme Optimist
juli 24, 2009 door Donna
In de categorie Experimenten, Gedrag
Ik moet jullie vertellen dat ik best een vrolijk iemand ben. Ik heb regelmatig een grote glimlach op mijn gezicht en ik probeer overal wel iets positiefs uit te halen. Toch heb ik ook een dark side. Ik kan uiterst onredelijk reageren, uitgaan van het ergste en snel ontmoedigd raken wanneer iets niet direct lukt. Misschien dat ik daarom van de overige 20Something redactieleden de opdracht kreeg om een dagje EXTREEM optimistisch te zijn. Daadwerkelijk overal het goeie van inzien, nergens boos, geïrriteerd of ontmoedigd door raken en vooral blijven lachen. Persoonlijk heb ik een hekel aan dat soort types. Ik moet onmiddellijk denken aan die halve zool hieronder.

En laten we eerlijk zijn: die bevordert niet echt de stemming als je voor zo’n lastige opdracht staat.
Maar goed, ik begon de dag dus positief. Redelijk bijtijds uit de veren en neuriënd een boterhammetje smeren. Op een gegeven moment liep ik bij mijn vriend naar binnen toen hij stond te douchen en vertelde ik hem over de opdracht. Hij kreeg direct iets duivels’ in zijn blik en zei: ,,Ga jij zo een kop koffie voor mij zetten en een lekker ontbijtje voor mij maken? Gewoon, omdat je zoveel van me houdt en omdat je dat heerlijk vindt om te doen? Ah, wat lief van je.”
…
,,Wel godv…”
,,Ho, ho,” onderbrak hij me, ,,ik hoor daar toch geen pessimisme hè?”
,,Ik HAA… Ik bedoel. Ik hou zo van je!”
Terwijl ik de badkamer uitliep, hem hard hoorde lachen, moest ik mezelf even bij elkaar rapen om hier een positief geheel van te maken. Ik bleef steken bij de gedachten: “mijn vriend heeft een leuk gevoel voor humor”, “ik maak supergraag ontbijtjes voor hem” en “wat is hij toch slim om er weer zo’n draai aan te geven, de mallerd”.
Dus met een grote, bijna pijnlijke glimlach op mijn gezicht, ontving ik hem met een ontbijtje toen hij uit de douche kwam. En probeerde ik hem gelijk te motiveren om eens een blik naar buiten te werpen, want de wereld is zo prachtig.
Een uurtje later. Ik zat me op te tutten op bed toen ik keihard mijn hoofd stootte aan de punt van een plank. ,,OCH!”, kermde ik. ,,Wat hoor ik nou? Negativiteit?” Mijn vriend had het er maar druk mee. ,,Nee hoor,” kreunde ik, terwijl ik over de pijnlijke plek op mijn hoofd wreef, ,,pijn is fijn. G-geeft me het gevoel dat ik leef.” Right. Eigenlijk dacht ik: kloteplank.
Toen ik die middag met mijn vriend de stad in ging, ben ik geforceerd intens van alles gaan genieten. Het geluid van de mensen door de straten, de gesprekken die zij voerden, de wolkjes aan de lucht, de gevels van de herenhuizen, de bruggetjes over de grachten. Ik wilde gevoelsmatig alles beleven en ervaren en wilde mijn vriend daar deelgenoot van laten zijn. Aan zijn gezicht te zien, begon ik echter behoorlijk op zijn zenuwen te werken met mijn “oh, wat is dit heerlijk!”, “oh, wat geniet ik!”.
Thuisgekomen keek ik om me heen naar de rommel in mijn huis. Waar ik normaal gesproken zwaar agressief met de stofzuiger zou gaan lopen raggen, ademde ik nu diep in en verwonderde ik mij over hoe één iemand zoveel spullen kon laten rondslingeren. Ik herbenoemde dat van slordigheid naar een behoorlijke prestatie. (Ondertussen kon ik ook al bijna kotsen van mezelf, hoor.) Fluitend ben ik mijn huisje op gaan ruimen, aan gaan pakken (tjakka!) (oksorry) (okechtheelergsorry) en toen het dan eindelijk opgeruimd was, plofte ik dolgelukkig (…) op de bank. ,,Taadaa. Knap gedaan meid,” had ik nu het punt bereikt dat ik in mezelf zat te lullen? Yep.
Ik bracht een volle vuilniszak naar beneden en op de weg naar boven, trapte ik in een plakkaat kots van de hond van de buren. Misselijk bekeek ik hoe het tussen het profiel van mijn schoenen was gaan zitten. De kleine klontjes, de rode gloed. Gatverdamme! Ik bedacht me: hoe ga ik dit nou weer tot iets positiefs maken? En ja hoor, ook nu lukte het weer. ,,Dat arme hondje, zo ziek is ie geweest. Geeft niet dat ik erin ben gaan staan. Deze schoenen zijn toch oud en wat is het nu voor moeite om het schoon te maken?” Kokhalzend stond ik vervolgens boven de gootsteen. Dat arme, arme kl^#^!&# hondje.
Toen de dag om was, haalde ik opgelucht adem. Om tien over 12 precies kwam ik daarachter. ,,Sorry,” zei ik tegen mijn vriend, ,,maar The Extreme Optimist is gone… En jij, met je ontbijtje vanmorgen… You owe me big time. Iemand zo opnaaien bij zo’n lastige opdracht. Schaam je.” Mijn vriend sloeg zijn ogen neer. Hij mompelde iets onverstaanbaars. ,,Ik zou je maar vast zorgen maken,” grijnsde ik. Hij knikte verslagen.
(mogelijk) Relevante Artikelen:
- Het verhaal van Lucy – Mijn verloofde heeft extreme SM porno op zijn computer Mijn naam is niet Lucy, omdat ik absoluut anoniem wil...
- Donna goes nuts – De Kerststukjesroes Als mijn vriend René en ik onze jassen aan de...
- Donna goes burleske! Ik ben geen make-up-addict. Ik heb totaal geen oog voor...









Optimisme is zo makkelijk nog niet